Taal Algemeen
In groep 6 werken leerlingen verder aan hun taalvaardigheid. Ze breiden hun woordenschat uit en leren zich steeds duidelijker uit te drukken. De opdrachten sluiten aan bij het niveau van groep 6 en helpen leerlingen om hun taalgebruik verder te ontwikkelen.
Woordslinger
Deze woordslinger is een speelse en effectieve werkvorm om taal actief te oefenen in de klas. De leerkracht start steeds met een woord of opdracht, waarna leerlingen om de beurt het volgende vakje invullen. Zo ontstaat er een doorlopende slinger waarbij iedereen betrokken blijft. Je kunt deze slinger op verschillende manieren inzetten. Laat leerlingen bijvoorbeeld werkwoordsvormen invullen (loop – liep – gelopen), rijmwoorden bedenken vanuit een startwoord (kat – mat – lat), of oefenen met woordsoorten door steeds een andere categorie te noemen (zelfstandig naamwoord, werkwoord, bijvoeglijk naamwoord). Door het tempo hoog te houden en samen na te denken, ontstaat er een energieke en leerzame activiteit die eenvoudig aan te passen is aan elk niveau.