Taal Algemeen

Bij taal in groep 4 breiden kinderen hun taalvaardigheid verder uit. Ze oefenen met spelling, woordenschat, zinsbouw en begrijpend luisteren en lezen. De werkbladen op deze pagina sluiten aan bij het niveau van groep 4 en bieden afwisselende oefeningen die helpen om taal zekerder en vaardiger te gebruiken. Zo groeit het vertrouwen in taal stap voor stap.

Woordslinger

Deze woordslinger is een speelse en effectieve werkvorm om taal actief te oefenen in de klas. De leerkracht start steeds met een woord of opdracht, waarna leerlingen om de beurt het volgende vakje invullen. Zo ontstaat er een doorlopende slinger waarbij iedereen betrokken blijft. Je kunt deze slinger op verschillende manieren inzetten. Laat leerlingen bijvoorbeeld werkwoordsvormen invullen (loop – liep – gelopen), rijmwoorden bedenken vanuit een startwoord (kat – mat – lat), of oefenen met woordsoorten door steeds een andere categorie te noemen (zelfstandig naamwoord, werkwoord, bijvoeglijk naamwoord). Door het tempo hoog te houden en samen na te denken, ontstaat er een energieke en leerzame activiteit die eenvoudig aan te passen is aan elk niveau.

Tweetekenklanken

Werkwoorden

Zelfstandig naamwoorden

Woordsoorten